Afvalbeheerder zet troef in bij bouw circulair hoofdkantoor

Afbeelding3

 

Afvalbeheerder zet troef in bij bouw circulair hoofdkantoor: de milieustraat

Bron: Cobouw

In de afvalsector spreken ze allang niet meer van afval. Daar hebben ze het liever over herbruikbare grondstoffen. Zo bezien is het niet meer dan logisch dat er voor de bouw van het nieuwe hoofdkantoor van Cure Afvalbeheer materiaal is gebruikt dat normaal gesproken in de milieustraat als afval wordt aangeboden.

In een van de uithoeken van het bedrijventerrein GDC Noord in Eindhoven, pal naast de snelweg en de spoorlijn, ligt de nieuwe milieustraat van Cure Afvalbeheer, een samenwerkingsverband van de gemeenten Eindhoven, Geldrop-Mierlo en Valkenswaard.

BAM is verantwoordelijk voor de realisatie van het bij de milieustraat behorende beheerdersgebouw en het kantoor voor het personeel van Cure. A. Jansen uit Son en Breugel neemt de aanleg van de milieustraat zelf voor zijn rekening. Het beheerdersgebouw en de milieustraat zijn ondertussen al in bedrijf genomen. Het kantoorgebouw volgt einde van dit jaar.

Circulair en energieneutraal

Milieustraat Eindhoven

Opdrachtgever: Cure Afvalbeheer, Eindhoven
Ontwerp: architecten|en|en, Eindhoven
Installatie adviseur: Nelissen ingenieursbureau, Eindhoven
Constructeur: Aveco de Bondt
Realisatie Milieustraat: A. Jansen, Son en Breugel
Realisatie beheerdersgebouw en kantoor: BAM Bouw en Techniek – Regio Zuid, Eindhoven

Circulariteit en duurzaamheid waren de voornaamste uitgangspunten bij het ontwerp van architecten|en|en. Dat blijkt onder andere uit het feit dat het kantoor is opgebouwd uit een modulair staalskelet en betonnen kanaalplaatvoeren van gerecycled beton. De verschillende elementen zijn droog met elkaar verbonden en dus demontabel. Het kantoor is bovendien energieneutraal. Op het dak is 340 vierkante meter aan zonnepanelen geplaatst. Het gebouw zelf is voorzien van warmtewisselaars en een vierpijps warmtepomp, die het kantoor in de winter verwarmt en in de zomer koelt. Actieve inductie-units in plafondeilanden zorgen ervoor dat het gebouw vraaggestuurd kan worden verwarmd, gekoeld en geventileerd.

Voor de verlichting wordt gebruikgemaakt van energiezuinige LED-verlichting op bewegingsmelders. Buiten voorzien een laadstation en de nodige laadpalen de elektrische fietsen, auto’s en vrachtwagens in het wagenpark van Cure van stroom. Het hemelwater wordt opgevangen in een centrale waterput en onder andere in de wasstraat voor het wagenpark hergebruikt.

Hergebruikt materiaal

Maar er is meer, zo leert al meteen een eerste blik op de gevel van het gebouw. Achter de glazen voorzetgevel van hergebruikt veiligheidsglas van de eerste en tweede verdieping springen de oranje menievlekken op de houten planken direct in het oog. Op de begane grond zijn het de gebroken trottoirtegels, waarmee de gevels tot 4,5 meter zijn opgemetseld, die opvallen. Diezelfde tegels zijn ook verwerkt in de vloeren van de ontmoetingsruimtes in het kantoor.

Het gebouw zit inderdaad vol met hergebruikt bouwmateriaal dat zo uit de milieustraat van Cure afkomstig had kunnen zijn, vertelt uitvoerder Martijn van den Hoef. Hij heeft namens BAM Bouw en Techniek – Regio Zuid de touwtjes van het nieuwbouwproject strak in handen. “De gevels van de eerste en tweede verdieping bestaan uit houtskeletbouwelementen, waarvan de binnen- en buitenkant is bekleed met hergebruikte grenen planken van twee centimeter dik. Die zijn gezaagd uit oude vloerbalken. De planken zijn aan de buitenzijde onbehandeld in het werk gebracht. Voor het binnenwerk is het hout op de bouwplaats voorzien van een greywash afwerklaag, om het meer een betonlook mee te geven.”

Ter isolatie van de houtskeletwanden, en deels in het zicht op de plafondeilanden, is gebruikgemaakt van blauwe spijkerbroekisolatie. Uit het zicht is daarnaast isolatiemateriaal toegepast, dat is vervaardigd uit oude matrassen. “Prima spul”, aldus Van den Hoef. “Het dempt enorm. En het is net zo makkelijk of misschien zelfs wel makkelijker te verwerken dan de meer traditionele isolatiematerialen.”

Arbeidsintensief klusje

De trottoirtegels die in het project zijn verwerkt, werden aangeleverd door Cure Afvalbeheer zelf en vervolgens door BAM klaargemaakt voor verwerking. Dat had voor wat betreft de gevel nog wel wat voeten in de aarde. “Het zijn al gebruikte tegels van 30 bij 30 centimeter, waar het zand zelfs nog op zat van het werk waar ze uit zijn opgeschept. De architect had bedacht om ze te laten opknippen in stukken van 9 en 11 centimeter en vervolgens verspringend te laten opmetselen. Probleem was dat de tegels zich niet goed lieten knippen. Het kostte te veel kracht en ze braken niet op de manier zoals we wilden. Uiteindelijk is besloten om elke tegel een centimeter in te zagen, zodat de breuk recht bleef. Dat was een behoorlijk arbeidsintensief klusje, waar vier mensen een paar weken mee bezig zijn geweest. Maar nu het eenmaal staat, ziet het er wel erg goed uit.”

De tegels zijn ook binnen gebruikt, deels als vloer en voor de trappen in de centrale hal en diverse ontmoetingsruimtes. Om dat te kunnen doen, moest de ondervloer vijf centimeter lager dan normaal worden uitgevoerd. De tegels zijn vervolgens koud gelegd in rubbergranulaat tegeldragers. “Je hoort ze licht bewegen als je eroverheen loopt.” De rest van de vloeren is vervaardigd van gevlinderd en gepolijst beton. “Door de combinatie van dit soort materialen krijgt het gebouw een hele stoere, industriële uitstraling”, aldus Van den Hoef.

Open en veel communiceren

Inmiddels nadert het project zijn afronding. Van den Hoef ontkent niet dat hij bij aanvang best sceptisch was. “Ik vroeg me echt af of dit wel mooi zou kunnen worden. Maar naarmate het proces vorderde en het geheel steeds meer vorm kreeg, werd het gevoel steeds beter. Zelf vind ik het nu echt een supergaaf project.”

Het werken met de diverse alternatieve bouwmaterialen is hem alleszins meegevallen. “Natuurlijk, het kostte soms best veel tijd om het voor elkaar te krijgen. Maar het is feitelijk gewoon een kwestie van doen. Wat ook scheelt, is de goede verstandhouding met de opdrachtgever en met name ook met de architect. Ik heb nog nooit een project meegemaakt waarin ik zoveel heb overlegd met de architect. Maar zo moet je dit soort projecten ook benaderen. Je moet in staat en bereid zijn om open en veel met elkaar te communiceren. Juist omdat je met zulke bijzondere materialen werkt, kan namelijk lang niet alles tot in detail worden uitgetekend. Er was best veel wat we gaande het project samen moesten invullen. Maar dat werkte hier heel goed.”

Voors en tegens circulair bouwen

Het project heeft Van den Hoef daarnaast laten inzien dat er op de reguliere bouw wel heel erg veel hout verspild wordt. “Hier drong het echt tot me door dat dat heel anders zou kunnen. Circulair hout kan voor veel meer doeleinden worden ingezet. Zo niet voor afbouw, dan toch in ieder geval voor de ruwbouw. En ook de alternatieve isolatiematerialen die we hier hebben gebruikt zijn erg goed bevallen.”

Als uitvoerder heeft hij met name in het proces de voors en tegens kunnen ervaren van het circulaire bouwen. De les daaruit: “Begin op tijd. De levertijden van circulaire bouwmaterialen zijn een stuk langer. Normaal bel je naar de leverancier voor hout en een dag later heb je het al binnen. Hier gaat er wel een paar maanden overheen. Dat stelt eisen aan de voorbereiding; je moet goed nadenken over wat je nodig hebt, en tijdig de markt op om het materiaal te bestellen dat je nodig hebt. Maar als het eenmaal binnen is, kun je er hele bijzondere dingen mee maken. Zo bezien vind ik het best jammer dat het over een paar weken alweer klaar is.”